(On) terecht ?

Soms word ik bang. Bang dat dit schrijven zal stoppen, bang dat het niets anders bleek dan een tijdelijke noodzaak, een oplossing tot het vermijden van waanzin, iets wat enkel kan als mijn leven en hoofd kronkelen in tollen. Het neerschrijven van donderende hersenspinsels en verwarrende woorden. Een drang tot rust in mijn hoofd. Maar hoe moet dit verder als er rust heerst achter mijn ogen? Waar blijft dan de inspiratie? Waar blijven dan de woorden? Wie kan me garanderen dat mijn handen nog zullen schrijven eens de rust in mijn leven keert? Eens ik bereik wat ik wil. Eens ik heb hoe ik het zou willen. Eens de boel draait zoals gesmeerd. Wat zal er dan gebeuren? Zal ik schrijven over dagelijkse slommeringen van opgroeiende kinderen, het getrouwde leven, de neergang van het milieu, de weetikveelwat? Kan, niets mis mee, maar alleen … ìk kan dat niet. Alle ondertussen verlopen pogingen resulteren in enorme rommel – niet te lezen niet te snappen niet te volgen – oninteressant – zonder diepgang. En het is net die diepgang, dat contact, die communicatie die dieper rijkt dan opgewekte het-gaat-goed-façades, die me voldoening leveren, die me het gevoel geven dat ik iets bereik en die me ook tot reply leiden van enthousiaste lezers.

Dus wie kan mij verzekeren dat ik niets hoef te vrezen? Ik schrijf niet met mijn hoofd – alles gebeurt gewoon – en wat als ik geen inspiratie meer put uit mijn eigen geklooi en gestuntel?

Daar ben ik dus bang voor. Maar op dit moment nog toekomstmuziek – mijn materiaal voor mijn tweede boek Merel van de Wereld is nog oneindig en mijn ideeën voor een derde, zelfs een vierde, borrelen boven.

Angst kan terecht zijn of niet. Dus misschien moet ik maar eens inzien dat ik hoger kan vliegen dan tot nu toe bleek, dat ik onontgonnen gebieden bezit en mezelf de kans laten tot ontwikkeling in plaats van stilstand.

Hoe leuk zou dat niet zijn? Zonder angst, zonder vrees maar met enthousiaste belangstelling voor wat zal komen, voor wat zal bloeien, voor wat zal groeien.

Advertenties

Meer dan een fotograaf

Ik had gedroomd mijn nieuwe blog op een meer positieve manier te starten. Met een leuk bericht, inspirerende boodschap of aangename anekdote. Maar het lot heeft anders geschied. De werkelijkheid heeft me ingehaald.

De fotograaf die me geholpen heeft met mijn boek is gestorven. Gisteren. Het is te hard voor woorden, te echt om onwerkelijk te zijn, maar een muur die hard aankomt. Het. Is. Zo. Jan Masyn is hier niet meer.

Hij had ook een blog en in andere omstandigheden zou ik hier zijn blog en zijn website aanprijzen: ga dat zien! Maar kan dit nu nog? Bij iemand die er niet meer is? Is dat niet luguber? In mijn gedachten zit hij er nog steeds, zoals slechts een paar maand geleden, met een glas wijn en een grote glimlach, met tips en anekdotes, met zijn unieke, luide en onvermijdbare visie en bewoording. Ziek maar niet merkbaar. Hoopvol.

Jan, je was voor mij meer dan een fotograaf. Ik vond het steeds leuk je te zien en nog leuker met je te discussiëren. Je op je paard te zetten, je uit te dagen, maar altijd met respect en genegenheid. Je lag me dicht bij mijn hart.

Je was me meer dan een fotograaf. Je stond klaar om me te helpen, groen als ik was, en hoefde niets terug, enkel een exemplaar van mijn boek. Natuurlijk ligt die hier klaar. Al eventjes. De tijd om je die te geven was er nog niet, het lag moeilijk. Je ziekte creëerde bijverschijnselen en die waren allesbehalve. Ik hield onze afspraak voor ‘in betere tijden’ – met zicht op een glas wijn met aangename babbel.

Maar hoe kan dit nu? Je hebt je eigen werk nog niet eens gezien. Jouw exemplaar ligt nog steeds klaar, op mijn bureau, te wachten op een mooie signering. Die ging ik met de nodige zwier voor je ogen ter plekke verzinnen. Maar nu, ligt hij daar, te wachten op een eigenaar die hem nooit zal bezitten. Het is jammer, je werk eraan was zo mooi. Ik kan het nog niet vatten, bij ieder glas wijn zal je voor mijn ogen komen, maar…

te onecht om werkelijk te zijn.